| 28-01-2009 :: Gefrustreerd! |
Aantal kilometer gereden: Aantal dagen onderweg: 1 jaar 7 maanden Aantal Afrikaanse landen bezocht: 26 We bevinden ons nu in: Addis Ababa, hoofdstad Ethiopië Addis Ababa betekent in onze beleving ‘de stad vol smog’. Doordat Addis omringt is door een bergketen, op 2500 meter hoogte ligt en er vaak bewolking is, blijven de uitlaatgassen hangen boven de stad. Nog nooit zijn we een stad geweest die zo slecht is voor je gezondheid. Ook de bureaucratie hier is slecht voor je gezondheid, je verliest je geduld en krijgt veel frustraties bij de manier waarop ze hier werken, misschien vraagt dit enige uitleg……. In Addis besluiten onze route toch maar weer eens om te gooien, een planning is er immers om gewijzigd te worden. We willen graag over Saudi Arabie terug rijden in plaats van over Egypte. In Addis gaan we dus naar de ambassade van Saudi Arabie waar we heel hartelijk ontvangen worden. We kletsen zo’n 2 uur met de consul die ons van alles verteld over het land. Een visum kan wel geregeld worden, maar dan moeten we wel een aanbevelingsbrief van onze Nederlandse ambassade hebben. In de auto dus maar weer en naar de Nederlandse ambassade waar we binnen een half uur weer buiten staan met een aanbevelingsbrief. Op naar de ambassade van Saudi Arabie. Maar nu zijn de consuls van gedachten veranderd, er kan toch geen visum aan ons uitgestrekt worden aangezien we het visum van Jordanië nog niet ons paspoort hebben…….Maar een ambassade van Jordanië is niet aanwezig in Addis, dan moeten we maar naar Soedan rijden en daar een visum voor Saudi Arabie regelen…… De volgende dag op naar de ambassade van Soedan. Heeft u het visum van Saudi Arabie al in uw paspoort? Nee, want dat geven ze ons niet……dan kunnen we u ook geen visum voor Soedan geven want u moet het land wat u na Soedan aan doet in uw paspoort hebben staan……. Hmmmmm, dit schiet niet echt op. We besluiten naar de ambassade van Egypte te rijden, hoewel we hier niet heen willen hebben we wel hun visum nodig om het visum van Soedan te krijgen. We arriveren hier op donderdag om 10.00 uur, tot 12.00 uur kun je visa aanvragen. Ons paspoort inleveren, aanvraagformulier invullen. Komt u om 11.30 uur maar terug dan kunt u betalen……Om half 12 staan we weer netjes aan de receptie, krijgen we vervolgens te horen dat de ambassadeur vandaag geen tijd heeft om onze paspoorten te bekijken! Kom maandag maar terug. Maandag??? Dat is over 4 dagen! Chagrijnig stappen we weer in de auto, die Afrikanen en hun gedrag we zullen er nooit aan kunnen wennen! Gelukkig hebben we in Addis een geweldige kampeerplaats gevonden. We staan op de oprit van Wim’s Holland house. Dit is een pub/restaurant gerund door Wim een Nederlander die hier al 19 jaar woont. Op de menu kaart staan kroketten en erwtensoep, het voelt als thuiskomen! Ook staan er nog wat andere overlanders op de kleine inrit, dicht bij elkaar, lekker knus, maar het is erg gezellig. Op vrijdag viert Wim zijn verjaardag en komt er een live band. We helpen Wim waar we kunnen, met het opbouwen van de tent, glazen op halen, bedrading aansluiten, bestellingen opnemen en ook natuurlijk met het leegmaken van zijn vaatjes bier, want Wim heeft tapbier! Het is een erg gezellige avond en ook de rest van de tijd vermaken we ons goed bij Wim. We zijn nogal cultuurbarbaren, dus besluiten we onze kennis toch eens wat op te vijzelen, we gaan naar het nationaal museum waar Lucy ligt. Lucy is in 1974 in de Danakil dessert in Ethiopië gevonden en wordt beschouwd als onze over over grootmoeder. Lucy is het eerste skelet wat ze vonden waarvan ze kunnen aantonen dat ze op 2 benen liep. Als we Lucy zien is dat ook de enige overeenkomst die we kunnen ontdekken, ze is namelijk maar ruim 1 meter groot en heeft het brein van een chimpansee. Ook zijn we blij dat we tegenwoordig niet meer zo’n lange haren op ons hele lichaam hebben! Nee, we herkennen ons niet echt in Lucy, misschien jullie? Het valt ons verder op dat onze namen hier veranderd zijn. We heten hier niet meer Patrick en Annemarie maar YOU! Hey YOU YOU YOU give me give me! Ethiopie heeft veel bedelaars en arme mensen, net als in de rest van Afrika. Ook hier zien we veel grote ontwikkelingsorganisaties zoals de VN of Save the children. Zij rijden rond in dikke luxe toyota landcruisers met grote stickers van deze organisaties erop. Het valt op dat we deze auto’s niet zien in de gebieden waar het nodig is maar vooral bij de luxe hotels zoals het sheraton. Natuurlijk kunnen wij moeilijk een mening geven over wat de hulpverleningsorganisaties hier wel of niet doen. Maar van de Ethiopiërs en mensen die hier al jaren wonen begrijpen we dat de grote hulpverleningsorganisaties hier meer slecht doen dan goed, de hulp wordt niet op de goede manier aangepakt. Mensen vragen zich waar al dat geld dat bijvoorbeeld onze overheid stort, van onze belastingcenten, blijft. We zouden hier nog vele A4’s over vol kunnen schrijven, maar Linda Polman heeft hier ook een boek over geschreven. Als je geïnteresseerd bent in de (on)zin van crisishulp moet je haar boek ‘de crisiskaravaan’ eens lezen. Het is weer maandag, we kunnen weer op pad. Eerst naar de ambassade van Egypte, wat donderdag zo ontzettend moeilijk was is vandaag in 1 dag geregeld, ons visum voor Egypte, smorgens wegbrengen, smiddags ophalen het hoeft helemaal niet zo moeilijk te zijn! De volgende dag op naar de ambassade van Soedan. 09.00 Uur binnenkomst, paspoort afgeven en wachten, wachten, wachten, wachten, wachten en nog eens wachten. Om 13.00 uur worden we dan geroepen, we mogen betalen. Oke en nu? Er wordt ons verteld dat we weg moeten gaan en over 1,5 uur weer terug moeten komen, waarvoor dan? Dan moet je nog een keer betalen wordt ons verteld. Na 1,5 uur komen we terug mogen we nog een keer betalen aan een loketje, in het totaal hebben we nu 100 US dollar per persoon afgerekend voor een visum van 2 weken voor Soedan. Oke, mogen we het visum dan nu meenemen? Nee, dat kunt u morgen om 15.00 uur op komen halen. ……….. We snappen na 1,5 jaar nog steeds helemaal niets van de logica van de manier waarop de Afrikanen werken en dat werkt soms erg frustrerend. Wat we wel hebben geleerd is dat we veel geduld moeten hebben om iets geregeld te krijgen. Geduld is een schone zaak, maar OH zo moeilijk om hier soms te behouden. Zo hadden van de Ethiopische ambassade in Nairobi een formulier met stempel voor de auto gekregen wat we bij de grens moesten afgeven. Bij de grens kregen het formulier niet terug. In Addis aangekomen ontmoeten we reizigers die hun formulier WEL terug gekregen hebben. Er wordt ons verteld dat we zonder het formulier het land niet kunnen verlaten met de auto. We besluiten om naar de douane in Addis te gaan, we worden van kantoor naar kantoor gestuurd en niemand kan/wil ons helpen. Annemarie verliest uiteindelijk toch haar eindeloze geduld ;-) en ontploft, waarom is hier niemand die ons kan helpen bij een fout die door jullie eigen mensen in gemaakt?? We gaan het kantoor uit en hebben niets bereikt. Uiteindelijk besluiten we maar ons formulier zelf te vervalsen, dat klinkt voor een Nederlander misschien heel raar, maar dat is wat je gaat doen in Afrika. Doordat niemand je wil helpen moet je je eigen oplossingen maar zoeken en dat die dan niet helemaal legaal zijn……. Al met al zijn we klaar voor de verdere trip, over ongeveer 1 week steken we de grens over naar Soedan, waar we 2 weken mogen zijn, daar gaan we proberen een transitvisum van 3 dagen voor Saudi Arabie te regelen, dus als alles gaat zoals we willen (dat is hier altijd de vraag) zijn we over 1 maand al in Jordanië…. Wordt vervolgd |
| Geplaatst door Annemarie om 13:04 :: Al 13 reacties :: Reageer |
| 16-01-2009 :: Beroemd in Kenia |
| Aantal kilometers gereden: ruim 60.000 Aantal dagen onderweg: 1 jaar, 6 maanden en 3 weken Aantal Afrikaanse landen bezocht: 26 We bevinden ons nu in: Addis Ababa, hoofdstad Ethiopië
“Less tourist will come!” roep ik in de vier camera’s die voor me staan. De vrouwen om me heen joelen enthousiast. Patrick doet er nog een schepje bovenop en roept in de camera’s: ‘Kenia is suffering!!’ nu gaan de vrouwen van de souvenirs kraampjes helemaal uit hun dak, er is geen houden meer aan, ze klappen schreeuwen en kloppen op onze schouders.
Als een van de laatste activiteiten in Kenia bezoeken we de Thomsonsfalls. Vlak voordat we de campsite op willen rijden worden we gestopt door een dame die beweert dat we entree geld voor de auto moeten betalen en dit terwijl er een heel groot bord bij de gate hangt: ENTREE FREE! We kijken het vrouwtje fronsend aan, maar zij beweerd dat alles veranderd is sinds 1 januari. We besluiten na wat discussie de entreefees toch maar te betalen maar melden dit wel meteen bij de manager van de campsite. Die heeft geen idee waar we het over hebben, ‘Entreefees? Waarvoor??’ Deze goede man springt meteen in zijn auto en rijdt naar de burgemeester van het dorp om de situatie te bespreken.
We lopen terug naar de ingang nadat we de waterval hebben gezien (op het moment maar een zielig stroompje water vanwege het droge seizoen) om te checken wat er nu precies gaande is. De vrouw bij de gate wordt al snel kribbig als de vragen haar te moeilijk worden. Voor de ingang bevinden zich tientallen souvenirwinkeltjes die gerund worden door vrouwen. Zij wisten niets van de entreefees en hebben vandaag al toeristen zien vertrekken omdat deze weigerden de fees te betalen. Dit is minder inkomen voor hen, want als de toeristen omkeren komen ze ook niet in hun winkeltjes. Daar zijn ze boos over.
We besluiten het er maar bij te laten zitten deze keer en lopen terug naar de auto. De manager komt terug en verteld dat de burgemeester morgen een vergadering belegd over dit onderwerp, hij kan ons helaas het geld niet terug geven…..maar we hebben een leuk gesprek met hem en hij geeft ons weer een andere kijk op Afrika door de mooie verhalen die hij te vertellen heeft.
De volgende ochtend willen we vertrekken maar de uitgang is geblokkeerd door de 40 vrouwen van de souvenirwinkeltjes. We stappen uit om te kijken wat er gaande is. Er blijken 4 journalisten met camera’s van nationale TV te zijn om hun demonstratie tegen de entreefees te filmen. Nu willen de vrouwen dat wij ons ongenoegen voor de camera uitspreken……uuuuhhhhh jaaaahhhh……. Maar spreken voor de camera blijkt makkelijker dan gedacht omdat de vrouwen enthousiast joelen bij alles wat we zeggen, wat erg opzwepend werkt en samen maken Patrick en ik er een mooi verhaal van, op het moment dat we afsluiten zijn we zo’n 10 minuten gefilmd en ja, ja ons GEKLAAG/GEZEUR over de entreefees zal op de Keniaanse televisie uitgezonden worden. We worden beroemd! Maar heel deze opsmuk die volgde om 5 euro entreefees bij een zielige waterval, was ons elke euro dubbel en dwars waard, omdat we er samen enorm om gelachen hebben!
De einddatum van ons visum komt in zicht, we moeten Kenia verlaten, helaas, want we hebben het hier erg naar onze zin gehad. Vanuit Kenia richting Ethiopie kunnen we kiezen uit 2 routes eentje over Marsabit en de andere via Lake Turkana. Van reizigers begrijpen dat beiden wegen klote zijn. Het noorden van Kenia is een vergeten gebied waar de wegen niet onderhouden worden. De meeste reizigers kiezen voor de Marsabit route omdat de route langs Lake Turkana zo afgelegen ligt dat als je stukken krijgt met je auto je er wel een tijdje vast zit. Maar tegenwoordig houden we wel van dit soort avontuur, dus wij gaan voor de Lake Turkana route, ver weg van de beschaving.
Dag 1: ‘Weg van de beschaving’ vanuit de watervallen rijden we naar Maralal een hobbelige weg en we doen een paar uur over enkele tientallen kilometers. Maralal staat bekend om zijn jaarlijkse kamelen racen, helaas zijn deze in augustus geweest en kunnen wij alleen de kamelen zien waarmee geracet wordt. Als we op onze telefoon kijken hebben we nog 1 streepje bereik, de beschaving is dus nog niet heel ver weg.
Dag 2: ‘Weg van de beschaving’ we gaan vanuit Maralal richting South Horr en rijden het Samburu gebied in. Prachtig versierde mensen komen we tegen op de weg. Mannelijke samburu krijgers zijn prachtig uitgedost en de vrouwen dragen heel veel kettingen over elkaar. Naast de Samburu zien we niet zoveel mensen totdat er ineens een groep van 15 mannen op de weg verschijnt, ongeveer 10 daarvan hebben machinegeweren bij. Even slaat ons hart een tikje over, wat zijn deze mannen van plan? Ze zien er uit als bandieten met hun rotte tanden en dronken voorkomen, maar we hebben goed geïnformeerd en deze streek zou toch veilig moeten zijn. Tot onze opluchting richten de mannen hun geweren niet op ons, en alhoewel ze willen dat we stoppen besluiten we een flinke dot gas te geven en er van door te gaan. Als we later in het kleine dorpje South Horr vragen naar wat voor mannen dit zijn moeten de mensen lachen. We krijgen als antwoord: ‘oh dat zijn de goede bandieten, die moeten ons beschermen voor de kwade bandieten, maar zelf zijn ze ook schurken, dus nooit voor ze stoppen’. Ja, ja, we snappen het niet helemaal meer, een bandiet is toch een bandiet? Nou ja, hier blijkbaar niet maar er wordt ons verzekerd dat de weg naar het noorden volkomen veilig is. We zullen nog wel mannen met geweren tegen komen maar die zijn er voor de veiligheid…..oke dan! Als jullie het zeggen!
Dag 3: ‘Weg van de beschaving’ eindelijk komen we na een ruige tocht over veel stenen bij Lake Turkana aan. Wat een prachtige plaatje, de omgeving is vol stenen, droog en dor en dan doemt daar ineens het grote meer op. Het is net alsof we op een andere planeet rond rijden en de mensen die hier wonen lijken ook net buitenaardse wezens, zij behoren tot de Tukana tribe. De vrouwen zien er wederom prachtig uit, heel anders dan de Samburu vrouwen. Ook al komen hier niet zoveel toeristen de mensen weten wel te onderhandelen, als we een foto willen maken moet er iets tegenover staan, we geven wat kauwtabak wat we onderweg hebben gekocht en beperken het aantal foto’s.
Dag 4: ‘Weg van de beschaving’ HEET! We drinken liters per dag maar hoeven niet te plassen, zweten doen we niet want het zweet is al verdampt voordat het zelfs onze poriën maar uit kan komen. Zelfs onze kleine Obi drinkt minimaal 1 liter water per dag weg. We zien de hitte zinderen net boven de grond. We staan deze dagen voor 6 uur op, een half uur voor zonsopgang op zodat we nog even van de buitenlucht kunnen genieten zonder dat de brandende zon op onze huid pikt.
Vandaag verlaten we de Turkana stam en rijden we weer wat meer inland. We willen een track gaan volgen waarover we gehoord hebben. We vragen wat nomaden welke kant we op moeten, zij wijzen allemaal dezelfde richting in dus gaan we op goede gok de woestijn in en vinden een track die de goede kant op gaat. 1,5 uur lang rijden we in de veronderstelling dat we het goede spoor hebben. Op ons GPS zien we dat we richting het noorden rijden, de goede kant op dus.
Maar de track eindigt in een heel klein dorpje met een paar hutjes, vanaf hier kunnen we niet verder rijden vanwege de vele stenen. We proberen wat mensen aan te spreken maar niemand spreekt hier engels. Vervolgens gaan ze Adan halen, de enige jongeman uit het dorp die naar de basisschool (50 km verderop) is geweest en engels spreekt. Adan geeft aan dat we helemaal verkeerd zitten……..Hij biedt aan ons op het goede spoor te zetten. Hemelsbreed zitten we niet ver van de juiste track vandaan maar we kunnen niet doorsteken vanwege de rotsen.
Adan zit een hele tijd bij ons in de auto, hij verteld ons veel over zijn cultuur. Hij heeft net een dochtertje van 1 maand waar hij erg trots op is en hij houdt van zijn vrouw. Maar hij praat met veel meer genegenheid over zijn geiten, want zijn vrouw moet immers maar gewoon naar hem luisteren, doet ze dat niet dan krijgt ze ervan langs. Als ik vertel dat man en vrouw in Europa gelijk zijn kijkt hij me lacherig aan, hier kan Adan zich niets bij voorstellen. Adan verteldt hoe het is om te leven in dit droge gebied. Hij is van de Graba tribe deze tribe heeft nog regelmatig een stammenoorlog met de Turkanatribe, als het weer zover is maken ze elkaars vee af en soms worden er ook mensen gedood. Waarom vragen we hem, het gebied is zo ontzettend groot en er leven zo weinig mensen. Adan antwoordt dat het gaat om de bronnen in de woestijn. In een droog gebied is het moeilijk overleven, een waterbron of oase is hier zo kostbaar dat erom gevochten wordt. Maar Adan is van mening dat de tribes gewoon samen moeten werken. Adan babbelt er vrolijk op los en het is een genot om naar hem te luisteren, hij verteld hoe ze aan water komen, hoe ze voor hun geiten en kamelen zorgen, hoeveel geld ze elk jaar met het verkopen van hun beesten verdienen, hoe ze hun beesten naar bewoond gebied krijgen enz enz.
En dan vinden we de track die we moeten hebben, vanaf hier moet het jullie weer lukken zegt hij. Adan geeft aan dat hij hier uitstapt omdat hij nu hemelsbreed maar 12 kilometer van zijn dorp verwijderd is. Hij loopt deze afstand dwars door de woestijn terug. Wij vragen ons af hoe hij in hemelsnaam kan weten waar hij naar toe moet, want voor ons lijkt de omgeving ontzettend veel op elkaar. Adan kan alleen maar lachen om die domme blanken die zonder GPS nog niet eens weten waar noord of zuid is. We geven Asan een kleine vergoeding, een knuffeltje voor zijn dochtertje en een zak water voor de terug weg. Asan neemt afscheid met de prachtige woorden: I will see you, when you see me! Ik roep hem nog na dat hij lief moet zijn voor zijn vrouw en dan kijken we deze man die net zo oud is als ik, maar zo’n compleet ander leven leid verbijsterend na terwijl hij de droge woestijn in loopt, precies wetende waar hij heen moet.
Dag 5: ‘Weg van de beschaving’: Adan heeft ons inderdaad op het juiste pad gezet en vandaag zetten we koers richting Ethiopië. Uiteindelijk komen we bij het laatste dorpje in Kenia aan wat enkel bestaat uit ronde hutjes die met golfplaten en lappen stof bij elkaar gehouden worden, hier woont een andere stam die er weer op een andere manier heel bijzonder uit zien. We proberen hier onze laatste Keniaanse shilling om te wisselen voor Ethiopische Birr. Dit is nog een avontuur op zich, een man uit het dorp helpt me en we gaan alle hutjes af. De een kan 1000 shilling (ongeveer 10 euro) wisselen, de ander 30 shilling (0,30 cent). Maar na een uur ben ik dan toch zo’n 60 euro in Birr en een nieuwe ervaring rijker. In dit gebied zit geen grenspost het enige waar je aan kan zien dat je de grens passeert is een grenssteen, maar omdat we niet goed op zaten te letten hebben we die ook nog gemist. We zien op de GPS dat we in Ethiopië zijn maar we zien geen mensen. De weg die voor ons ligt is ook nog ruig we rijden door verschillende droge rivieren met ontzettend diep zand, we zijn blij dat Molly 4WD heeft. Andere reizigers hebben ons verteld waar de immigratiedienst van Ethiopië zit, dit kantoortje ligt namelijk 20 km van onze route af en zouden we anders niet zo makkelijk gevonden hebben.
We zijn gelukkig, we hebben een stempel in ons paspoort en al zijn de wegen nog steeds van zand, de eerste 25 km rijden we aan de verkeerde kant van de weg aangezien we hier weer aan de RECHTERKANT moeten rijden. Het afgelopen jaar hebben we continu aan de linkerkant gereden. Gelukkig kwamen we geen tegenliggers tegen! We rijden nu de omo vallei in wat bekend staat om zijn vele verschillende stammen zoals de hamar en de mursi. We rijden naar Turmi om daar de nacht door te brengen. We hebben in de gids gelezen dat toerisme in Ethiopië wel in opkomst is, maar nog niet echt ontwikkeld. Als we op de camping in Turmi aankomen (lees lap grond met ergens in de hoek een vieze douche en toilet) zien we dat het er erg druk is. Bij nadere inspectie blijken er ontzettend veel Nederlanders hier de nacht door te brengen in tentjes. Deze dag zijn er 2 ‘koningaap’ (reisorganisatie) groepsreizen gearriveerd en elke groep bevat bijna 20 Nederlanders. Daarnaast is er ook nog een groep Fransen. Hoezo is het toerisme nog niet ontwikkeld??Het stikt hier van de toeristen! Het is gezellig om weer eens flink Nederlands te kunnen kletsen en zo vernemen we ook dat het in Nederland 20 graden gevroren heeft, brrrrr!
Dag 6: Terug in de beschaving? We moeten erg wennen aan de inwoners van Ethiopië, de vele verschillende stammen zijn prachtig om te zien, maar de mensen zijn veel opdringeriger dan we tot nu toe in Afrika hebben meegemaakt. Als we over een marktje lopen worden we continu aangesproken met ‘you, you, you’ en ‘give me, give me’ (give me mango, give me pen, give me birr) Ze komen tegen ons aan lopen of trekken aan onze handen. Voor foto’s moet je standaard betalen. De mensen langs de weg zwaaien in eerste instantie, maar hun handgebaar gaat meteen over in een bedelhandje. De mensen hier zijn zo gewend dat de toeristen hun maar dingen ‘gratis weggeven’ (want Ethiopië, dat is toch dat zielige arme land) dat ze daardoor verwend zijn geraakt en nu van elke toerist verwachten dat deze maar gratis dingen uit komt delen, grotendeels een fout van de toeristen zelf dus. We hopen dat de mensen in het midden en noorden van Ethiopië aardiger en minder opdringerig worden, want anders zullen wij niet lang vertoeven in dit land! 5 Dagen weg van de beschaving was heerlijk en we hebben het geweldige gevoel gehad alleen op de wereld te zijn. We zijn nu weer onder de mensen in de hoofdstad van Ethiopie. Hier gaan we een visum regelen voor Egypte en Soedan.
|
| Geplaatst door Annemarie om 10:37 :: Al 19 reacties :: Reageer |
| 31-12-2008 :: GELUKKIG NIEUWJAAR! |
Aantal kilometers gereden: 60496 Aantal dagen onderweg: 1,5 jaar en 1 week Aantal Afrikaanse landen bezocht: 25 We bevinden ons nu in: Opnieuw weer in Nairobi! Een gelukkig, spetterend, zalig, avontuurlijk en gezellig 2009 toegewenst! Het nieuwe jaar is weer aangebroken, tijd om weer goede voornemens waar te gaan maken. Ons goede voornemen dit jaar is dat we veilig, gezond en in 1 stuk terug in Nederland aan zullen komen! Kerstmis vieren we dit jaar aan het strand op Tiwi beach in het zuiden van Kenia. We zorgen dat we hier al een week voor kerst zijn zodat we hier lekker vakantie kunnen vieren. Het klinkt misschien raar voor de meeste mensen een vakantie in een vakantie. Maar als je zolang op weg bent heb je af en toe echt een plek nodig waar je kunt relaxen. Een relaxplekje dat is Tiwi wel, palmbomen, blauwe zee, wit strand….heerlijk. Het enige nadeel eraan is dat deze omgeving helemaal geen kerstsfeer heeft, geen kerstmuziek op straat, versierde etalages, in elke woonkamer een kerstboom of kerstmannen die je toezingen bij de supermarkt. Maar dat is geen probleem, bij de supermarkt hebben we kerstlampjes gekocht die we aan onze luifel opgehangen en hiermee samen met de sneeuwpoppetjes die ons mam en pap naar Oeganda had gestuurd hebben we toch onze eigen bijzondere kerstsfeer gecreëerd. Tiwi beach is heerlijk relaxed, we vullen onze dagen hier dan ook met strandwandelingen maken, zwemmen in de warme Indische oceaan, vliegeren, een boek lezen en verse vis en groenten en fruit kopen. Elke dag komen er mannen op de fiets bij de campsite die verse mango’s, ananassen, sinasappelen, cashewnootjes en verse vis aanbieden. Een soort van lopende supermarkt op de camping dus. Maar ook vullen we onze dagen met kletsen, want op de camping ontmoeten we bij toeval Sean en Lucy die we al eens bij Lake Baringo tegen zijn gekomen een erg gezellig Engels stel. Een paar dagen later arriveren ook Christina en Sisko uit Spanje en Saskia en James uit Engeland. Deze stellen hebben we ook al eerder ontmoet. Met zijn 8ten maken we er gezellige kerstdagen van. De 1e kerstdag kopen we allerlei verschillende soorten vis zoals snapper, taffia en tonijn om deze vervolgens te barbecuen. De 2e kerstdag maak ik voor iedereen een potjie met verse calamari (inktvis). Dat was smullen! De dagen worden standaard afgesloten met een gezellig kampvuur waar alle Afrika avonturen uitgebreid besproken worden onder het genot van een biertje(s). We kunnen maar moeilijk los komen van dit plekje dus besluiten we hier ook nieuwjaar te vieren. We vieren nieuwjaar dus net als vorig jaar (Kameroen) aan het strand. De twee engelse stellen moeten weer door, niet iedereen heeft zoveel tijd als wij ;-) Maar Christina en Sisko blijven en ondertussen zijn er ook nog gezellige Duitsers gearriveerd. We kopen wat sterretjes en met een grote kan Sangria luiden we het nieuwe jaar (2 uur eerder dan in Nederland) op strand bij een kampvuurtje in. De volgende dag maken we volgens Nederlandse tradities een nieuwjaarsduik in de heerlijke warme Indische oceaan. Omdat ons visum voor Kenia afloopt in het begin van het nieuwe jaar verlaten we deze heerlijke plek na 2,5 week en nemen we afscheid van al die gezellige mensen om weer naar Nairobi te rijden. Nu is het alweer 2009 het jaar waarin we thuis zullen komen, toch lijkt het nog maar kort geleden dat we zijn vertrokken in het jaar 2007, de tijd vliegt voorbij. Maar we kijken er ook wel naar uit om een over een paar maandjes thuis te zijn, al zal het straks moeilijk zijn om dit vrije heerlijke leventje los te laten. We gaan nu beginnen met de ‘terugreis’ naar huis, ook al zijn we nog steeds 15.000 kilometer rijden of 7 uur vliegen van huis af. De terugreis zal gaan over Ethiopië, onze volgende bestemming, van daar naar Soedan, Egypte, Libië, Tunesië en dan met de boot naar Italië. Niet de meest makkelijke landen hebben we van andere reizigers begrepen en het zal de laatste maanden dan ook nog ‘bikkelen’ worden. Langzaam aan gaan we steeds meer uit kijken naar het weerzien van onze familie, vrienden en het ontmoeten van de nieuwe spruiten. Maar eerst gaan we nog een paar maandjes genieten van Afrika en deze geweldige reis over de weg afmaken. |
| Geplaatst door Annemarie om 09:33 :: Al 13 reacties :: Reageer |

